De horeca realiseerde in het eerste kwartaal van 2025 een omzetgroei van 3% ten opzichte van dezelfde periode in 2024. Dat blijkt uit cijfers van het CBS en een toelichting van Rabo Research. Ondanks deze positieve ontwikkeling zijn de verschillen binnen de sector groot. Met name eet- en drinkgelegenheden presteerden sterk, terwijl hotels en vakantieparken duidelijk achterblijven.
Herstel door koopkracht en dalende inflatie
De omzetgroei is mede te danken aan het herstel van de koopkracht. De inflatie daalt gestaag en de lonen zijn de afgelopen twee jaar aanzienlijk gestegen. Hierdoor voelen consumenten zich zekerder om geld uit te geven aan horeca en recreatie. Vooral cafés en restaurants profiteren hiervan.
“De koopkracht is verbeterd, mensen krijgen weer wat lucht. Dat zie je terug op de terrassen, in de restaurants en bij speciaalzaken,” aldus een woordvoerder van Rabo Research.
Hotels en vakantieparken blijven achter
De omzetgroei bij hotels en vakantieparken bleef beperkt tot slechts 0,6%. Volgens economen komt dit deels door het vroege paasweekend, dat dit jaar in het tweede kwartaal viel in plaats van het eerste kwartaal zoals vorig jaar. Ook de kerstvakantie – dit jaar volledig in december – heeft weinig bijgedragen aan de omzetcijfers van januari.
Toch wijzen deze verschuivingen op de kalender niet het hele verhaal aan. Vakantieparken hebben structureel te maken met druk op marges door stijgende kosten, personeelstekorten en onzekerheden rondom wet- en regelgeving.
Sterke verwachtingen voor het tweede kwartaal
Voor het tweede kwartaal zijn de verwachtingen gunstig. “Het voorjaar is tot nu toe veel beter dan vorig jaar, toen het lange tijd grijs en nat was. Dat zal de horeca en recreatiesector een stevige impuls geven,” stelt Rabo Research.
Toch blijft de sector waakzaam. In 2026 dreigt een btw-verhoging voor de horeca en verblijfssector. Het huidige lage tarief zou kunnen verdwijnen, wat voor ondernemers een directe lastenverzwaring betekent. Vooral voor vakantieparken en hotels, waar prijselasticiteit en marges kwetsbaar zijn, kan dit grote gevolgen hebben.
Industriële druk en internationale onzekerheid
Terwijl consumenten meer besteden, blijft de industrie achter. De NEVI Inkoopmanagersindex bleef in mei onder de grens van 50 – met een score van 49 – wat duidt op krimp. Nieuwe orders blijven uit en geopolitieke onzekerheid, zoals mogelijke Amerikaanse importheffingen, remt het vertrouwen.
Deze industriële terughoudendheid kan ook toeristische ondernemers raken, bijvoorbeeld via stijgende inkoopkosten of vertraagde leveringen van materialen voor renovaties en uitbreidingen.
Vooruitblik: voorzichtig optimisme met structurele uitdagingen
De horecasector laat herstel zien, mede dankzij hogere lonen en een dalende inflatie. De recreatiesector profiteert deels mee, maar kampt met structurele onzekerheden. Terwijl het tweede kwartaal veelbelovend oogt, vraagt 2026 om strategische voorbereiding.
Ondernemers doen er goed aan te anticiperen op de aangekondigde fiscale veranderingen en tegelijkertijd te blijven investeren in digitalisering, beleving en verduurzaming. Alleen zo blijft de sector weerbaar in een veranderend economisch en politiek klimaat.