De recreatiesector heeft ideeën, ondernemers hebben energie — maar beleid en praktijk lopen nog te vaak langs elkaar heen. Een ronde langs Zeeuwse recreatieondernemers, gevolgd door een ontbijtsessie met gedeputeerde Daniëlle de Clerck, maakt duidelijk waar de kansen liggen én waar het nog schort.
Wat zeggen ondernemers over de toekomst van Zeeland?
De dag voor mijn gesprek met gedeputeerde De Clerck ben ik op pad in Zeeland. Ik spreek met Odile de Pooter, promotor van lokale producten en aanjager van regionale samenwerking. Met Anne Gorthmanns, eigenaresse van Strandhotel Cadzand-Bad. Met Eric van Damme, die meerdere toeristische activiteiten en bedrijven in de provincie runt. En met Patricia Flikweert van Pluktuin Aardenburg, die het familiebedrijf heeft omgebouwd tot een volwaardige agritoerisme-bestemming.
De gesprekken gaan over investeringen, bedrijfsopvolging, samenwerking en de vraag hoe Zeeland aantrekkelijk blijft voor toekomstige generaties. Wat opvalt: de ondernemers zijn minder bezig met politieke discussies en meer met concrete vraagstukken. Wat hebben zij nodig? Geen overheid die ondernemer speelt. Wel duidelijke kaders, marktinformatie, kennisdeling en ruimte om te investeren.
Verliest Zeeland marktaandeel — en wat betekent dat?
Met die signalen vers in het geheugen schuif ik de volgende ochtend vroeg aan bij gedeputeerde Daniëlle de Clerck voor een ontbijtsessie in het provinciehuis. Aanleiding is een eerder artikel over de Zeeuwse recreatie- en toerismesector. De Clerck herkent het beeld, maar wil het bredere verhaal vertellen.
Een opvallende constatering: Zeeland verliest marktaandeel. Terwijl het beeld nog vaak is dat toerisme alleen maar groeit, neemt de concurrentie toe en hebben bezoekers steeds meer keuze. Andere kustprovincies, buitenlandse bestemmingen, stedentrips — het aanbod voor de vrijetijdsconsument is groter dan ooit. Dat vraagt volgens De Clerck om aandacht voor kwaliteit, innovatie en toekomstbestendige bedrijven, niet om verdere volumegroei.
Is recreatie meer dan verblijf en kust?
De discussie over Zeeland gaat volgens De Clerck te vaak over vakantieparken en kustontwikkeling. Maar wie de provincie echt bekijkt, ziet veel meer. Wandelen, fietsen, cultuur, streekproducten, gastronomie, evenementen, natuurbeleving — en een groot deel van de recreatieve gebruikers bestaat uit Zeeuwen zelf.
Dat inzicht sluit aan bij wat de ondernemers mij vertelden. Odile de Pooter werkt aan verbindingen tussen lokale producenten en recreatieve routes. Patricia Flikweert trekt bezoekers met een combinatie van fruitpluk, streekbeleving en directe verkoop. De dagrecreatie — lang het ondergeschoven kind — blijkt een serieuze groeikans. Niet als concurrent van de kust, maar als aanvulling op het bestaande aanbod en als instrument voor spreiding over het jaar.
Hoe verbindt Zeeland beleid met de praktijk van alledag?
Daar ligt de centrale uitdaging. Recreatie, cultuur, natuur, economie, arbeidsmarkt en leefomgeving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden — maar in beleid en uitvoering functioneren ze nog vaak naast elkaar. De Clerck erkent dat en benoemt het verbinden van die beleidsterreinen als een van de belangrijkste opgaven voor de komende jaren.
Anne Gortmans en Eric van Damme herkennen die fragmentatie vanuit de praktijk. Initiatieven die in de ene gemeente werken, vinden moeilijk hun weg naar de buurprovincie of het provinciaal niveau. Succesvolle concepten groeien te langzaam omdat de infrastructuur voor kennisdeling ontbreekt.
Wat maakt een regio aantrekkelijk om te wonen, werken én te recreëren?
Dat is uiteindelijk de vraag waar dit gesprek op uitkomt. Recreatie en toerisme zijn geen sectoraal beleidsveld, maar een instrument voor bredere welvaart — voor gezondheid, cultuurparticipatie, vestigingsklimaat en regionale economie. Een aantrekkelijk recreatief aanbod maakt een regio niet alleen interessant voor bezoekers, maar ook voor inwoners, werknemers en nieuwe ondernemers.
De energie is er. De wil om samen te werken ook. Wat nog ontbreekt, is de verbinding tussen die energie in de praktijk en de besluiten die op politiek niveau worden genomen. Zeeland heeft daar een gedeputeerde die dat vraagstuk serieus neemt. De vraag is of de structuren rondom haar dat ook doen.
Foto’s: